ZONDERLAND, Daan


Jeroen en de jacht op de Echo
…..
In de lucht hoog boven het meer zweefde een glanzend hemellichaam, gevolgd door een lange, vurige staart.
"Oooooooh!" riepen de vrienden aan boord van de Houten Piraat, alsof het vuurwerk was.
Maar Salomon het Stekelvarken, die alles van kometen afwist, zei: "Maken jullie je toch niet zo druk over zo'n slokop met een staart. Er is niets bijzonders aan. Ik zal hem wel eens voor je roepen."
En hij piepte luid:
"Kom eten, Komeet!
De pap staat gereed,
De ham hangt te roken,
De soep staat te koken,
De melk is al heet,
Kom eten, Komeet!"
En daar kwam zowaar de komeet met duizelingwekkende vaart naar beneden vliegen. De sterren rinkelden van schrik en de staart van de komeet maakte een geluid als van een gierende storm.
"Daar komt hij al." riep Salomon het Stekelvarken. "Maakt plaats, maakt plaats!"
De vrienden aan dek stoven uiteen en daar suisde de komeet op het schip aan en daalde neer op de rand van de verschansing. Tegelijkertijd gleed het grootste gedeelte van zijn vurige staart luid sissend in het meer en wolken stoom gleden over het wateroppervlak.
Alexander de Beer en zijn vrienden kwamen aarzelend naderbij om hun gast te bekijken. Het was een raar wezen dat bestond uit twee ronde ballen, één bij wijze van hoofd en één bij wijze van romp. In het grote ronde hoofd straalden twee grote blauwe ogen van tevredenheid en een brede mond vol gouden tanden strekte zich uit van oor tot oor. En op het hele glimmende hoofd was niet één haartje te bekennen. Van achteren droeg hij twee gouden vleugels en aan weerszijden staken uit de bolronde romp twee armen, waarvan de rechter eindigde in een gouden vork en de linker in een gouden lepel. Benen had de komeet niet, althans er was niets van te zien.
"Heb jij helemaal geen benen?" vroeg Vijgebuikje, die zijn ogen niet kon geloven.
"Nee," zei de komeet. "Ik heb geen haren en geen benen. Ik heb alleen maar honger. Wie heeft me te eten geroepen?"
"Ik," riep Salomon het Stekelvarken.
"Wat wil je hebben?" vroeg Alexander Beer gastvrij.
"Een paar bordjes pap is voldoende," antwoordde de komeet vriendelijk, terwijl hij tevreden met zijn gouden lepel over zijn gouden vork wreef. "Nee," zei de komeet. "Ik heb geen haren en geen benen. Ik heb alleen maar honger. Wie heeft me te eten geroepen?"
"Ik," riep Salomon het Stekelvarken.
"Wat wil je hebben?" vroeg Alexander Beer gastvrij.
"Een paar bordjes pap is voldoende," antwoordde de komeet vriendelijk, terwijl hij tevreden met zijn gouden lepel over zijn gouden vork wreef.

…..


Knikkertje lik

…..
Judocus viel in een koortsige slaap en muis Michiel maakte hem wakker. Judocus schrok want hij had nog nooit een muis horen praten. Michiel vertelde hem dat hij een knikker had gevonden die naar kaas rook. Dat vond hij verdacht.

Toen Michiel eraan likte gebeurde er iets heel geks. De knikker werd helemaal wit en in kleine zwarte drukletters stond erop te lezen:

‘Schei uit, jij kleine viezerik.

Ik houd niet van een muizenlik.’

Michiel de muis werd erg boos en raadpleegde zijn tante Tokkelteen. Zij likte ook aan de knikker en ook zij las een tekst:

‘Jij aller akeligst muizendier.

Je tong is zo ruw als schuurpapier.’

…..
Wat is de agenda?’ vraagt Judocus.

‘Dat is het boek waarin Baron Adelpoot poppetjes tekent als iemand anders het woord heeft,’ zegt Michiel de muis.

Voorin staat in hanenpoten mijn naam, boven het adres van het huis onder de zolderkamer. En een telefoonnummer met vijf cijfers. Dan ‘Haarlem – Holland – aarde – heelal’, onderstreept met een goedbedoelde krul.

…..